Jan Janssen

Johannes Adrianus (Jan) Janssen werd geboren in Nootdorp, op 19 mei 1940 en is één van de meest succesvolle Nederlandse wielrenners aller tijden.

Zijn wielercarriëre startte in 1959 als amateur en van 1962 tot 1973 was hij beroepsrenner.

Als wielrenner gezegend met een vlijmscherp eindschot ontwikkelde Jan Janssen zich al snel tot een veelzijdig coureur. Hij stond bekend om zijn vermogen beestachtig af te zien, hetgeen hem zeven jaar lang tot de absolute top deed behoren.

Hij won vele van de belangrijkste wielerwedstrijden. Zo werd hij in 1964 na Theo Middelkamp de tweede Nederlander, die het Wereldkampioenschap op de Weg won. In Sallanches klopte hij in een magistrale eindspring zijn mede-koplopers Vittorio Adorni en Raymond Poulidor. Zeer succesvol was hij in het jaar 1967. Hij won Parijs-Roubaix door na een barre tocht door de Hel van het Noorden de snelste te zijn van een kopgroep samengesteld uit tien van de beste wielrenners van die tijd. Direct daarna excelleerde hij in de Ronde van Spanje en bracht die als eerste Nederlander op zijn naam. Zijn veelzijdigheid blijkt ook uit de eerste plaats in de eindstand van de Super Prestige van dat jaar, de prijs voor de regelmatigste renner in de meest aansprekende wielerwedstrijden van de kalender.

In 1966 was de eindzege in de belangrijkste koers van het jaar, de Ronde van Frankrijk, hem al eens aan de neus voorbij gegaan. Zijn grootste concurrent, Lucien Aimar, had hem met enige hulp van de chauvinistische tourleiding een kunstje geflikt. Janssen droeg na de 16e rit voor de eerste keer in zijn carrière de gele trui, maar een dag later moest hij deze overdragen aan Aimar, nadat deze ‘onopgemerkt’ door Radio Tour aan de bewaking van Janssen en zijn ploeggenoten was ontsnapt. Het leverde hem ‘slechts’ de tweede plaats op het schavot in Parijs op. Een geweldige prestatie, want nooit eerder was een Nederlander zo hoog geëindigd. Twee jaar later zou Janssen nog beter doen. In de Ronde van Frankrijk van 1968 stond de inmiddels naar het Brabantse Ossendrecht verhuisde Noordhollander voor aanvang van de laatste etappe nog derde in het algemeen klassement, achter de Spanjaard José San Miguel en de Belg Herman van Springel. In die jaren was de laatste etappe traditiegetrouw een tijdrit en aangezien Janssen nog nooit een belangrijke tijdrit had gewonnen gaven weinigen hem een kans, alhoewel hij met zijn tweede plaats in de proloog achter specialist Charly Grosskost al een duidelijke indicatie van zijn topvorm had gegeven. Hij reed de race van zijn leven, won de tijdrit en ook de Ronde. Vooral in het laatste deel van de rit ging hij tekeer, want de vijf seconden achterstand, die hij halfweg op van Springel telde, wist hij om te buigen naar een voorsprong van 54 seconden, om uiteindelijk de eindzege zege te pakken met 38 seconden voorsprong. Een spannender slot van Le Grand Boucle had men toen nog niet eerder meegemaakt.

De Tour van 1968 werd nog in landenploegen gereden, waardoor Janssen verplicht was met Nederlandse renners samen te werken die anders voor een andere sponsor reden. Het pleit voor zijn koersmentaliteit en koersinzicht (en dat van ploegleider Ab Geldermans) dat hij desalniettemin de Tour kon winnen, temeer daar hij slechts drie ploegmaats over had in Parijs : Arie den Hartog, Eddy Beugels en Evert Dolman.

In totaal won Jan Janssen 7 Touretappes. En bracht drie keer de groene trui mee naar huis als winnaar van het puntenklassement.

Ook op de baan was Janssen succesvol. Hij won bijvoorbeeld driemaal de zesdaagse van Antwerpen. Tijdens zijn carrière vielen hem de nodige onderscheidingen ten deel: in 1968 werd hij gekozen tot Sportman van het Jaar en vijf jaar op rij ontving hij de Gerrit Schulte Trofee, de prijs voor de beste Nederlandse wielrenner.

Aan het eind van zijn carriëre stond de teller op 184 overwinningen, waarvan 111 zijn behaald als professional. Voeg daar nog een groot aantal ereplaatsen aan toe en het rechtvaardigt de constatering, dat hij tot de allergrootsten in de geschiedenis van de wielersport gerekend wordt. Na zijn actieve wielercarrière begon Janssen in 1972 een fietsenfabriek waar (race)fietsen onder de naam 'Jan Janssen' worden geproduceerd. Jan Janssen Fietsen BV. wordt nu in Hoogerheide door zijn twee zonen Jan en Pierre gerund. Ook als liefhebber bleef hij de fiets trouw. Tot op de dag van vandaag maakt hij vele fietskilometers als deelnemer aan toertochten en gentlemankoersen, vaak in het gezelschap van vrienden uit het peloton van weleer. Hij is daardoor een ware ambassadeur voor de toerfietssport geworden. Meer dan terecht heeft hij dan ook zijn eigen Jan Janssen Classic gekregen.

In 2001 verscheen van de hand van sportjournalist Fred van Slogteren het boek “Jan Janssen, Vedette op de grens”, dat de wielercarriëre beschrijft van de sympathieke sportman, die in Frankrijk de bijnaam ‘Le Professeur’ meekreeg.

Een greep uit de uitgebreide palmares van Jan Janssen Winnaar Tour de France 1968.

  • Puntenklassement Tour de France '64, '65, '67
  • Wereldkampioen profs '64
  • Kampioenschap van Zurich '62
  • Paris-Nice '64
  • Ronde van Nederland '65
  • Bordeaux-Paris '66
  • Paris-Roubaix '67
  • Ronde van Spanje '67
  • Super-Prestige Pernod '67
  • Ronde van Mallorca '67

Voor een volledig overzicht, zie www.memoire-du-cyclisme.eu/palmares/janssen_jan.php

Een beschrijving van de wielercarriere van Jan Janssen vindt u op http://nl.wikipedia.org/wiki/Jan_Janssen